Werkwoorden verleden tijd - zwak - 007

Vul de werkwoorden in. Klik dan op "nakijken" om de antwoorden te controleren.

Klik hier voor het werkwoordenschema.

Klik hier voor meer oefeningen.
1) (kneden) Ik de klei voor ik aan de opdracht begon.

2) (hozen) Gisteren het zo hard dat we thuis bleven.

3) (beven) Mijn handen van de kou.

4) (bewaken) Weet je dat de douane de grens ?

5) (overnachten) Mijn ouders in een hotel toen ze een weekend weg waren.

6) (turen) André over het water om te zien of de boot eraan kwam.

7) (kwetsen) Jij me met die gemene opmerking.

8) (bestellen) De gasten allemaal een voorgerecht.

9) (verstoppen) Bij het verrassingsfeestje alle kinderen zich in de kamer.

10) (halen) Tobias de bal uit de sloot.