Werkwoorden verleden tijd - zwak - 005

Vul de werkwoorden in. Klik dan op "nakijken" om de antwoorden te controleren.

Klik hier voor het werkwoordenschema.

Klik hier voor meer oefeningen.
1) (peinzen) De bewakers er niet over om het hek open te doen.

2) (heersen) Er al een paar weken griep op school.

3) (debuteren) De jonge speler aan het begin van het seizoen in het eerste elftal.

4) (dichtknopen) Vlug Samuel zijn jas dicht.

5) (vluchten) De katten toen de hond de tuin in rende.

6) (tobben) Hans lang voor hij een oplossing bedacht

7) (verrassen) Het me dat jij opeens voor me stond.

8) (uitbeelden) Mia tijdens de dramales een beroep uit.

9) (plagen) De vader zijn dochter een beetje.

10) (schetsen) Met potlood ik een ontwerp voor de poster.