Werkwoorden tegenwoordige tijd - enkelvoud - 002

Vul de werkwoorden in. Klik dan op "nakijken" om de antwoorden te controleren.

Klik hier voor het werkwoordenschema.

Klik hier voor meer oefeningen.
1) (bloeden) Het wondje op Timo's vinger niet meer.

2) (peinzen) Marcel er niet over om naar buiten te gaan.

3) (doven) Het vuur als je er water overgeen gooit.

4) (breien) Lisa een warme sjaal voor in de winter.

5) (botsen) De auto met een klap tegen de muur.

6) (bevrijden) je de hond uit dat kleine hok?

7) (scoren) Wie er in deze wedstrijd het eerst?

8) (surfen) De surfer de hele dag op de hoge golven.

9) (melden) De leerling zich bij de conciërge omdat hij te laat is.

10) (groet) Ik altijd vriendelijk als ik mijn buurman zie.